Uitleg

Wissel je van baan tijdens de pensioentransitie? Check eerst dit.

Je bouwt pensioen op bij het fonds van je werkgever. Het ene fonds ging al in 2025 of 2026 over op het nieuwe pensioenstelsel, het andere pas in 2027 of 2028. Rond die overgang deelt het fonds compensatie uit, aan de mensen die er dan nog pensioen opbouwen.

Wat verandert er precies?

Je pensioenfonds gaat over op de nieuwe pensioenregels, en dat gebeurt niet overal tegelijk. Werkgevers, vakbonden en pensioenuitvoerders hebben tot 1 januari 2028 de tijd om die overstap te regelen.

Halverwege 2026 waren 34 fondsen al over, blijkt uit de kwartaalcijfers van DNB.De rest volgt in 2027 of begin 2028. In onze eigen databank staan 147 fondsen uit het DNB-register, met per fonds de datum die we konden verifiëren. Zie het fondsenoverzicht.

Bij die overstap verdwijnt de doorsneesystematiek: de regel dat iedereen dezelfde premie betaalde, terwijl die premie voor de een meer pensioen opleverde dan voor de ander. Dat pakt voor een deel van de werkenden nadelig uit. Het ministerie van Sociale Zaken schrijft dat het einde van de doorsneesystematiek vooral nadelig kan zijn voor actieve deelnemers van 40 tot 60 jaar.Om dat nadeel te dempen krijgen die deelnemers compensatie.

Waarom geldt compensatie alleen voor wie er op de peildatum nog zit?

Die peildatum is de ene dag waarop het fonds kijkt wie er meedoet. Compensatie moet het nadeel in je toekomstige opbouw goedmaken, en die opbouw stopt zodra je weg bent. Het ministerie schrijft dat deelnemers bij een compensatie ineens die krijgen “als ze in dienst zijn op het moment dat het pensioenfonds overstapt op de nieuwe regels”.Op de voorlichtingssite van de sociale partners en het ministerie staat dat het alleen geldt voor deelnemers die nog pensioen opbouwen.

Opbouwen en in dienst zijn is niet hetzelfde, en dat verschil kan in je voordeel werken. Wie de opbouw premievrij voortzet, bijvoorbeeld omdat hij arbeidsongeschikt is, bouwt op zonder werkgever. De wet verklaart de compensatieregels op die groep uitdrukkelijk van overeenkomstige toepassing (artikel 150f lid 3 Pensioenwet).Val je daaronder, ga er dan niet van uit dat je buiten de boot valt omdat je geen dienstverband meer hebt. Vraag het na bij je fonds.

De fondsen zelf zijn er kort over. ABP schrijft dat je alleen compensatie krijgt als je op 31 december 2026 pensioen opbouwt bij ABP.De FNV waarschuwt haar leden dat je géén compensatie krijgt als je vóór de overgang van je fonds uit dienst gaat.

Bij ABP en PFZW ligt die peildatum op de dag vóór de overstap: 31 december 2026 bij ABP,31 december 2025 bij PFZW.Eén dag verschil bepaalt dus of je meedoet.

Hoe ontstaat het gat bij een baanwissel?

Je vertrekt bij een fonds dat nog moet invaren en je begint bij een fonds dat al is ingevaren. Bij je oude fonds ben je op de peildatum geen deelnemer meer. Bij je nieuwe fonds was je er op hún peildatum nog niet. Twee keer mis, terwijl je gewoon bent blijven werken.

Het ministerie beschrijft de groep zo: mensen die geen compensatie krijgen bij hun oude fonds omdat ze al uit dienst waren, en ook niet bij hun nieuwe fonds omdat ze daar na het transitiemoment binnenkwamen.De NOS voegt eraan toe dat je bij dat nieuwe fonds niet alsnog meedeelt.

Twee invaardata, één baanwisselJe nieuwe fonds vaart in terwijl jij nog bij je oude werkgever werkt, dus daar deel je niet mee in de compensatie. Je oude fonds vaart pas in nadat je daar bent vertrokken, dus daar ook niet. Op allebei de peildata bouw je op bij het andere fonds.peildatum nieuw fondspeildatum oud fondsJouw baanoude werkgevernieuwe werkgeverhier werk je nog bij je oude werkgeverhier werk je al bij de nieuweNieuw fondsvaart inje bouwt hier nog niet op: geen compensatieOud fondsvaart inje bouwt hier niet meer op: geen compensatie
Op allebei de peildata bouw je op bij het andere fonds. Twee keer mis.

PFZW beschreef dat mechanisme zelf, met naam en toenaam: wie in 2026 overstapt van een werkgever bij een fonds dat nog niet over is, zoals ABP, naar een werkgever bij PFZW, mist de compensatie aan beide kanten.

Draai je de volgorde om, dan draait de uitkomst mee. Wie vertrekt bij een fonds dat al is ingevaren en binnenkomt bij een fonds dat nog moet, kan juist twee keer meedelen. Dat staat op de dubbele kans.

Drie dingen die per fonds verschillen

De regel hierboven is de hoofdlijn. Er zijn drie manieren waarop jouw fonds ervan kan afwijken, en die bepalen of het verhaal op jou van toepassing is.

Niet elk fonds compenseert. Er is geen wettelijk recht op compensatie. De wet stelt eisen voor het geval er compensatie is afgesproken: “Indien een pensioenovereenkomst afspraken bevat over compensatie…”Die afspraak legt de werkgever vast in het transitieplan,samen met de andere partijen die de pensioenregeling wijzigen; bij een bedrijfstakfonds zijn dat de partijen aan de cao-tafel.De gemaakte afspraken over compensatie horen daar met zoveel woorden in te staan.Je fonds voert die afspraak uit. Staat er in jouw regeling niets over compensatie, dan valt er ook niets mis te lopen.

De ene keer in één bedrag, de andere keer gespreid. Wordt de compensatie in één keer toegekend, dan telt de peildatum: je krijgt hem als je op dat moment opbouwt.Wordt hij over een langere periode verdeeld, dan loopt dat over maximaal tien jaar.Bij die gespreide vorm heb je recht op compensatie als voor jouw leeftijdsgroep compensatie is afgesproken; dat je bij het begin van de compensatieperiode al bij die werkgever werkte, is dan niet vereist.Wie later instroomt, kan dus alsnog een deel meepakken. Vraag je fonds welke van de twee vormen voor jou geldt.

Niet elk fonds vaart in op 1 januari. Van de 97 fondsen met een bekende datum in onze databank gaan er 20 op een andere dag over: 1 april, 1 juni, 1 juli of 1 oktober. PostNL ging over op 1 juni 2026, KPN gaat over op 1 oktober 2026 en ING mikt op 1 juli 2027. Reken dus niet op de jaarwisseling, maar zoek de datum van je eigen fonds op.

Zoek je fonds op in de databank voor de datum en de compensatieregels die het fonds zelf publiceert.

Om hoeveel mensen gaat het?

Om enkele tienduizenden mensen dit jaar, volgens de schatting van het ministerie zelf. De minister noemt het een globale schatting op basis van aannames over baanwisselingen, leeftijd en sectoren, en spreekt over “dit jaar enkele tienduizenden mensen die zonder compensatie overstappen naar een andere baan”.

Die telling kwam er niet vanzelf. De Tweede Kamer vroeg er in maart 2026 om in de motie-Patijn, die de regering opdroeg in kaart te brengen welke groepen compensatie mislopen en hoe groot die groepen zijn.

Hoeveel geld kan het schelen?

Duizenden tot tienduizenden euro’s aan pensioenvermogen, afhankelijk van je leeftijd, je inkomen en de regeling van je fonds. Bij het NOS-artikel van april 2026 staat een tabel met rekenvoorbeelden. Voor een 40-jarige met een modaal inkomen van 48.000 euro komt die uit op 7.000 tot 11.000 euro; voor een 50-jarige met datzelfde inkomen op 12.000 tot 23.000 euro.

Vakblad Actuma geeft dezelfde berekening weer met een hogere bovengrens: voor een 50-jarige met een jaarinkomen van 72.000 euro een bandbreedte van 22.000 tot 41.000 euro.

Dit zijn rekenvoorbeelden uit die publicaties, geen berekening van jouw situatie. Hoe hoog de compensatie is en hoe die wordt uitgekeerd, staat in de afspraken die voor jouw fonds zijn gemaakt.

Vraag je fonds

Mail beide fondsen voordat je tekent, en vraag twee dingen: op welke datum stapt dit fonds over op de nieuwe regels, en wie krijgt op die datum compensatie? Dan heb je het antwoord zwart op wit.

Doe eerst de check om te zien welke twee data jouw situatie bepalen, en lees wat je kunt doen als je in de gevarenzone valt.

Verder lezen

Laatst bijgewerkt: 19 augustus 2026.